IM044 BROEDER FLORENTIUS (H. ANTONISSEN)

044 BROEDER FLORENTIUS (H. ANTONISSEN)

Geboren te Wouw : 07 – 09 – 1881
Ingetreden : 19 – 07 – 1910
H. Professie : 21 – 08 – 1915
Overleden te Dongen : 10 – 01 – 1926
Begraven te Dongen.

Van broeder Florentius Antonissen is weinig te vertellen. Hoewel ik er mee geleefd heb in het Noviciaat.
Ik geloof dat hij schoenmaker was, vandaar die bijnaam die hij had van “De Pin”. Hij had maar één oog. Het andere was een kunstoog.
In mijn noviciaat heb ik er niet veel bijzonders aan gemerkt van zwaarmoedigheid. Hij kon zelfs echt vrolijk zijn en kon goed tegen wat plagerij. Later hoorde ik ook wel dat hij erg leed aan zielsangsten. Rector Vermolen heeft alles geprobeerd om hem hiervan af te helpen, maar is daar niet in geslaagd. Ten slotte vond de overheid het niet meer verantwoord hem thuis te houden, bang dat er ongelukken met hem zouden gebeuren.

Hij is toen naar het “Sanatorium bij de broeders in Dongen geplaatst. Daar is toen toch het ongeluk, dat men vreesde, gebeurd. Hij heeft zichzelf verdronken in het riviertje “De Donge” wat achter het terrein van het “Sanatorium” loopt. Ik geloof zelfs dat hij nog een briefje op de kant heeft achtergelaten. Men heeft dagen lang naar hem gezocht. Het lijk is ver van de plaats van het onheil weggespoeld. Een tragisch eind van onze goeie “Pin”.

Hij was de broer van de Huijbergse schilder Sjaak Antonissen, die geregeld het schilderwerk op Ste. Marie verzorgde. De schilder was in tegenstelling met broeder Florentius een opgewekte kerel.
Broeder Florentius had een glazen oog waarmee hij je onbeweeglijk kon aanstaren. Wij jongens dachten dat hij scheel was. Wij als jongens hebben hem nooit zien lachen. Hij had, zoals later bleek, een nogal sombere levensopvatting, die de oorzaak werd van een vreemd gedrag. (zoals zich trachten te verdrinken in zijn waskom) waarvoor hij tenslotte naar een inrichting in Dongen gebracht is.

Na een tijd daar verpleegd te zijn werd hij op zekere dag vermist. Een uitgebreide speurtocht leidde het spoor naar de moeren, waar men zijn gordel en rozenkrans vond met een briefje: “Hier ligt de broeder”. Er werd ter plaatse gedregd en dagen later werd hij gevonden. Verdronken.

Broeder Florentius was nacht surveillant op de slaapzaal van het weeshuis, waar de jongens in plaatijzeren cellen sliepen. Hij had een zeer vaste slaap en als een jongen ’s nachts in hoge nood verkeerde, werd hij ondanks langdurig kloppen of roepen, met het gevolg dat er nogal eens ’n ongelukje gebeurde, als U begrijpt wat ik bedoel.

Bronnen: – Broeder Lucianus Bastiaansen.
– N.N.