IM046 BROEDER FELIX (JOANNES VAN DER VEKEN)

046 BROEDER FELIX (JOANNES VAN DER VEKEN)

Geboren te Baarle Hertog (België) : 08 – 01 – 1841
Ingetreden in de Congregatie : 11 – 06 – 1862
Inkleding : 05 – 12 – 1862
Eerste Professie : 29 – 09 – 1864
Eeuwige Professie : 06 – 09 – 1866
Overleden te Huijbergen : 27 – 12 – 1926
Begraven op het kloosterkerkhof

Werd steeds gewaardeerd in zijn functie als novicemeester.

Broeder Felix was de derde novicemeester van de Congregatie n.l. in de periode 1886 – 1896. Daarnaast heeft hij ongeveer dezelfde tijd (1888 – 1896) deel uitgemaakt van het eerste Hoofdbestuur als eerste assistent. Wel een bewijs van de degelijkheid en bekwaamheid van deze bescheiden, nederige, onopvallende, fijne mens. Want dat was broeder Felix buiten kijf: een fijne, goedige, vriendelijke, zachte man!
Hij werd in 1841 te Baarle Hertog in België geboren uit een gegoede familie, die later tot de notabelen van Antwerpen hebben behoord. Op 21 jarige leeftijd trad broeder Felix toe tot onze Congregatie, en al de 64 jaren dat hij hiervan deel uitmaakte, heeft broeder Felix op Ste. Marie in Huijbergen doorgebracht.
Verschillende bedieningen heeft hij daar in zijn jonge jaren uitgeoefend, waarvan de voornaamste wel is geweest de functie van hoofdkok op Ste. Marie. In zijn latere functie van novicemeester heeft broeder Felix met wijsheid en verstand, rustig en tactvol de novicen geleid en gevormd en bij hen de diepe godsdienstzin, de liefde tot het gebed en de vele christelijke deugden trachten aan te kweken, waaraan hij zelf zo rijk was. Hij genoot, dan ook de volle sympathie, de warme genegenheid en de hoogste waardering, van zijn onderdanen en zijn superieuren. Toch ging broeder Felix gebukt onder een angstcomplex: ziele angst voor zijn eeuwige zaligheid! Wat onze goede broeder Felix daaronder inwendig heeft geleden is aan God alleen bekend, want broeder Felix sprak er nooit over en liet er uiterlijk ook aan niemand iets van merken. Wat méér zegt: hij werd er ook niet somber, knorrig of neerslachtig onder. Hij bleef steeds even goedig, zachtaardig en vriendelijk voor iedereen. Wat een wilskracht, wat een zelfoverwinning zal hem dit hebben gekost. Urenlang kon hij op zijn oude dag zitten bidden!

Overal bad hij: in de kapel, op zijn kamertje, in gangen en tuinen. Daarnaast trachtte hij zich overal en zoveel mogelijk nog bezig te houden met allerlei lichte werkzaamheden: vervanger en hulp bij de portier, brood smeren, het vertalen van Franse verhaaltjes als vertelstof voor de surveillanten en onderwijzers (als Belg kende hij een mondjevol Frans) .
Tot het laatst toe is broeder Felix helder geweest en toen hij in 1926 op 85 jarige leeftijd na een kort ziekbed totaal uitgeleefd stierf, verloor onze Congregatie in deze bidziel een voorbeeldig religieus, een van de hechte, geestelijke pijlers, waarop onze jonge Congregatie in haar groeiperiode jarenlang had gesteund en gerust.

Bronnen: – N.N.