113 Broeder Richardus Waldram
Geboren te Amsterdam : 29-03-1881
Ingetreden : 01-08-1897
Eerste Professie : 26-11-1899
Eeuwige Professie : 31-08-1901
Overleden te : 16-06-1961
In dit jaar bestond de congregatie 45 jaar; nog pas goed 10 jaar had de congregatie een eigen algemene Overste. In Breda en Oosterhout waren succursaalhuizen met een paar broeders, die wezen verzorgden, catechismus onderricht gaven, kinderen voorbereidden op hun Eerste H. Communie en enig schoolwerk deden. Onze oudere medebroeders hebben voor de uitbouw van het werk van de Congregatie hier en in de missie ontzettend veel gepresteerd. Bij het diamanten Professiefeest van Br. Richardus schreef Br. Theodosius over hem:
“Br. Richardus, onze diamanten jubilaris, heeft bij al dit werk zeker niet aan de kant gestaan. Dat is nu eenmaal: niet zijn aard en zijn staat van dienst liegt er niet om. Jarenlang is hij surveillant geweest bij de weesjongens in Huijbergen, Oosterhout, Hulst en in Breda (Karrestraat – Kweekschool en St. Willibrordushuis) Voor de jongens in het St. Willibrordushuis was hij de hartelijke surveillant en de man, die in de lingeriekamer mede zorgde, dat de jongens er keurig uitzagen.
Overzien we zo het leven van de jubilaris aan mogen we constateren, dat hij op voorbeeldige wijze de Congregatie heeft gediend. Het is aan ook alleszins te begrijpen, dat we -niettegenstaande we weten, dat de jubilaris een hartgrondige afkeer heeft in het zonnetje gezet te worden- hem met zijn diamanten jubilé hartelijk willen feliciteren en onze dank willen uitspreken namens de Congregatie voor zijn zo verdienstelijk zwoegen in dienst van de opvoeding en het onderwijs van de aan onze zorgen toevertrouwde jeugd. Behalve de harde werker voor O.L.Heer is Br. Richardus ook 60 jaar lang een hartelijke medebroeder geweest, die belangstelde in ieders wel en wee en dikwijls niet kon laten, zijn aangeboren plaaglust bot te vieren. Ook voor de hartelijke broederlijkheid, Br. Richardus, onze dank.
Sinds september 1957 is Br. Richardus dan met emeritaat, wat geenszins wil zeggen dat de jubilaris niet meer tot prestaties in staat is. Vorig jaar mocht ik zijn metgezel zijn bij het bezoek aan de werelcitentoonstelling te Brussel. Eerlijk moet ik bekennen dat ik Br. Richardus nog dankbaar ben, dat hij de nodige francs had bewaard om per trammetje van het Braziliaans paviljoen- helemaal achterin op het tentoonstellingsterrein – naar de uitgang te rijden. Misschien dat hij nu wel voor een dergelijke trip wenst te bedanken, maar velen hebben in de laatste vakantieweek bemerkt, hoe goed onze jubilaris zich nog tussen “het jonge volk” thuis voelt.” Tot zover het schrijven van Br. Theodosius.
Het diamanten Professiefeest werd te Huijbergen gevierd op 27 december 1959. In de middaguren kwam een deputatie van het “voormalige” Willibrordushuis met Rector van der Made en Br. Overste Benignus aan het hoofd hun gelukwensen aanbieden. Ook in Amsterdam ging hij zijn feest vieren met de familie. Ondanks zijn hoge leef tijd kon hij nog best meedoen. De tijd van zijn emeritaat in. Huijbergen was voor hem een mooie periode. In het Willibrordushuis had hij al een lichte beroerte gekregen en was daarom naar Huijbergen verplaatst. Maar dat bericht moest gegeven worden volgens Br. Richardus met de grote lijst van verplaatsingen. In Huijbergen kreeg hij een mooie kamer en was er zeer tevreden. Hij was een gezellige prater te midden van de oude mensen Ook in het dorp kreeg hij al vlug vrienden. Bij een feest van de burgemeester ging hij ook feliciteren op het gemeentehuis, midden onder de speech van te burgemeester kwam hij binnen en ging hem feliciteren. In Huijbergen heeft hij nog enkele malen een beroerte gehad en toen ging het snel achteruit.