IM169 Broeder Cyprianus Yosephus van Gijsel

169 Broeder Cyprianus Yosephus van Gijsel

Geboren te Hengstdijk : 16-04-1882
Ingetreden : 16-04-1889
Eeuwige Professie : 29-08-1903
Overleden te Huijbergen : 07-0-1974

De dag na de avond dat hij uit voorzorg bediend was, zijn we naar hem toe gegaan, Br. Vincentius, Br. Chrysostomus en ik. Hij was op de kweek zo lang een-van-ons geweest, dat we toch nog graag afscheid van hem wilden nemen. Aarzelend hadden we ons gemeld bij de ziekenbroeder; we waren toch met ons drieën, of het wel mocht? Achteraf bleek het ’n overbodige en misschien ook wel domme vraag; hoe konden wij twijfelen aan de stoerheid van deze man.
Niet wetend (of wel vermoedend?), dat het zijn laatste dag was, stak hij nog in “het harnas”. Hij zat parmantig in zijn stoel naast zijn bed, broek, overhemd en vest aan met zijn voor hem spreekwoordelijke ruime, witte boord; hij deed dappere pogingen om de brand in zijn klein sigaartje te houden. Het praten ging hem niet zo best meer af; door zijn ingevallen gezicht hinderde zijn gebit hem bij het spreken al te erg. Hij was blij dat we er waren, iets wat ons, toen we het ook merkten, erg goed deed. Deze zelfde dag is hij naar zijn Heer gegaan. De stap uit dit leven moet voor hem niet moeilijk geweest zijn. Hij was ’n in alle opzichten goede man, die zich in veel stille ogenblikken biddend en lezend op dit beslissende moment voorbereid heeft

Hij las graag zijn krant, de rest van de dag was broeder Cyprianus vaak met zijn rozenhoedje bij Maria, of met een klein al erg beduimeld boekje “Gedachten en gebeden” (toen al!) bij Pater Roothaan; graag las hij ook in ’n aantal kleine aantekenboekjes, die van voor tot achteren volgeschreven stonden met kleine geschreven teksten. In het gezelschap van broeders onder elkaar, waar hij zo graag aanwezig was, had hij altijd wel iets te vertellen. Zo was Cyprianus tijdens de lange jaren van zijn pensioen, waarmee hij een zeer actief leven als broeder van Huijbergen afsloot, biddend en naar vermogen “in de pas blijvend”, niet brommend en grommend, een gelukkige, tevreden mens, waar wij allen met veel waardering tegen op keken.

Klein van lijf en leden, groot van geest, groot als religieus, op zijn manier een voorbeeld voor ons allen, ofschoon zijn denkwereld anders was dan de onze, waarvoor hij, en dat is benijdens- en prijzenswaardig geen sta-in-de-weg vormde. Christus, Maria, Pater Roothaan, niet het minst zijn vader en moeder, ook de “groten” in onze congregatie die in hun leven blijk hadden gegeven van ‘n franciscaans geïnspireerd zijn, waren in het leven van broeder Cyprianus zijn lichtende voorbeelden, die hem de wegen openden naar dienstbaarheid, blijheid, eenvoud en diepe godsdienstzin.

Samen met de ons alle goed bekende Moeder Bertranda was broeder Cyprianus een typische Van Gijsel. Dat frappeerde mij heel sterk, toen ik ‘n keer het bidprentje van vader en moeder Van Gijsel onder ogen kreeg.
Ik las daar: “Zij was een zorgvuldige vrouw, eene bij uitnemendheid goede moeder”

“Hij stierf in een gelukkige ouderdom, rijk aan dagen, aan eer, aan verdiensten.
Hij betrachtte het woord van Sint Paulus: Weest altijd blijde, bidt zonder ophouden.
Brengt dankzegging voor alles, want dit is voor U Gods Wil in Christus Jezus.
Dikwijls ging hij naar den tempel en nooit verzuimde hij om de H.Mis bij te wonen en de H. Communie te ontvangen.

Moderator Testers die op een fijne manier voorging in de Eucharistieviering van de Uitvaartdienst had het bidprentje van vader en moeder kunnen gebruiken; in zijn ouders staat onze broeder Cyprianus ten voete uit getekend.