IM195 Br. Ernest Cornelis Lambertus Brosens

195 Br. Ernest Cornelis Lambertus Brosens

Geboren te Heer : 07-10-1912
Ingetreden : 15-09-1934
Eerste Professie : 19-03-1937
Eeuwige Professie : 19-03-1940
Overleden te Bergen op Zoom : 14-03-1979

In het dorpje Heer, nabij Maastricht, werd op 7 oktober 1912 Cornelis Lambertus Brosens geboren. Na de lagere school te hebben doorlopen in de Karrestraat te Breda, bezocht hij de ambachtsschool, waar hij de beginselen van het schrijnwerkersvak leerde, in welk vak hij zich daarna bij zijn “baas” tot in perfectie wist te bekwamen.
Op 15 september 1934 , toen bijna 22 jaar oud werd hij lid van onze Congregatie en op 19 maart 1940 deed hij zijn eeuwige professie. Tot 1941 was Br. Ernest surveillant aan het weeshuis en verzorgde hij ook de lingerie. Van augustus 1941 tot september 1945 was hij surveillant aan het St. Willibrordushuis te Breda.

Na de oorlog verhuisde hij naar de Hoogstraat te Bergen op Zoom, waar hij, samen met Br. Giovanni, de zorg had over een zesde klas van het pensionaat. Toen Ste. Marie herbouwd was, kwam ook Ernest naar Huijbergen en bleef daar tot augustus 1968. als surveillant verbonden aan het. pensionaat. Deze taak echter begon hem steeds zwaarder te wegens 34 jaar zorg aan de jeugd besteed vond hij welletjes. Er was nog zoveel meer te doen en de liefde tot zijn oude vak trok hem steeds sterker aan.

Hij nam daarom afscheid van de jeugd en verhuisde in augustus 1968 naar de Boomstraat, terwijl hij in de timmerafdeling van Ste. Marie zich kon gaan uitleven in zijn oude schrijnwerkersvak. In augustus 1972 kwam hij weer terug op Ste. Marie bij de afdeling technische dienst. Allen die Br. Ernest hebben gekend, weten dat hij een man was die alles tot in de perfectie deed. Zijn hele leven als religieus getuigde hiervan.
Hij was op de eerste plaats broeder, religieus en vanuit zijn broeder-zijn benaderde hij zijn medebroeders, zijn kinderen waarvoor hij alles over had, zijn vrienden buiten het klooster en niet te vergeten zijn familie, waarbij zijn oude vader vanzelfsprekend op de eerste plaats kwam. Br. Ernest kende zijn beperktheid en daarom las hij heel veel om op de hoogte te blijven van nieuwe stromingen op allerlei, gebied. Met zijn helder verstand wist hij dan bijzaken van hoofdzaken te onderscheiden. Zijn Leefregel, de Bijbel en de Nieuwe Catechismus las en bestudeerde hij met de regelmaat van de klok.
Nog niet zo lang geleden, toen ik hem om een passage uit de Bijbel vroeg, vertrouwde hij me toe, dat hij de Bijbel reeds twee maal had doorgeworsteld en ook voor de derde keer aan de Nieuwe Catechismus bezig was.

Bij velen laat Br. Ernest een gevoel van leegte na. Zijn gezond verstand en zijn gevoel voor humor maakten hem bij velen geliefd. Als het in zijn vermogen lag, stond hij altijd klaar om te helpen. Hoeveel kasten en kastjes, bureaus en ombouw voor opklapbedden, die hij gemaakt heeft, sieren op het ogenblik niet de kamers van vele broeders. “Eerst verlof van Br. Overste “ was zijn vaste gezegde en daarna ging Ernest aan het werk.
Geen spijker kwam er aan te pas. “Allemaal prulleboel!” “Vakkundig lijmen, dan kan het nooit meer kapot!” En Ernest heeft wat afgelijmd. Volgens “Koenen” is schrijnwerker: maker van fijn kastenwerk en meubelmaker.
Neem dan eens een kijkje in de nieuwe behuizing van het Hoofdbestuur of in de kamers van het nieuwe huis te Bergen op Zoom en iedereen zal dan zien, dat Br. Ernest die naam eer aandeed. Veel restauratiewerk in het museum getuigt van de grote vakbekwaamheid en liefde waarmee hij zijn vak uitoefende. En bij dat alles beoefende hij in zijn vrije tijd ook nog de kunst van het houtsnijden. Het kruisbeeld in onze refter, het kruisbeeld op zijn kamer, de kinderkoppen die hij gemaakt heeften nog vele andere voorbeelden; getuigen van fijne kunstzin.

Nog gedurende deze winterperiode, toen hij zich niet zo lekker voelde en het in de timmerwinkel te koud voor hen was, kapte en sneed hij een kruisbeeld voor de gebedsruimte in de Boomstraat. “Als ik uit het ziekenhuis kom, ga ik weer eens met klei boetseren”, vertrouwde hij me toe. “Misschien ben ik er met een week of zes liggen van af en dan kunnen we samen aan de gang”. Hij heeft niet geweten, dat hij niet meer zou terugkeren.
Hij heeft zich als religieus zelf geboetseerd en laten boetseren door zijn Schepper die hem op 9 maart 1979 tot Zich geroepen heeft om het loon te ontvangen, dat hem bij zijn professie. is beloofd: het eeuwige leven !
Br. Liberius.