IM205 Br. Paulus Adrianus Gijsbertus Bunnik

205 Br. Paulus Adrianus Gijsbertus Bunnik

Geboren te Ouder-Amstel : 15-07-1914
Ingetreden : 24-01-1932
Eerste professie : 15-08-1933
Eeuwige professie : 15-08-1936
Overleden te Breda : 27-04-1981

Wanneer de aard van de laatste ziekte van een medebroeder ons emotioneel sterk aanspreekt, lopen we het risico dat in zijn “In Memoriam” het vroegere leven van de overledene minder sterk belicht wordt. Daarom wil ik voorop stellen, dat Er. Paulus in onze gedachten vooral zal blijven voortleven als surveillant. Onze Congregatie heeft altijd broeders gehad, die op dit terrein bijzonder begaafd waren. Ik aarzel niet te stellen, dat de overledene tot die begaafden behoorde. Deze taak was voor hem op het lijf geschreven en hij is langdurig als zodanig werkzaam geweest: van 1942 tot 1969, met een korte onderbreking op onze Kweekschool, waar hij het kosterschap vervulde. In een periode dus, waarin groepen met een omvang van 60 jongens normaal gevonden werden. De werktijden vulden de dag zowel als de nacht. Ze werden slechts onderbroken voor de maaltijden en de gebedsuren.

We vragen ons nu soms af hoe het mogelijk was, dat zo een alles eisende inzet opgebracht kon worden. Desondanks wist Br. Paulus intussen nog het lerarendiploma voor steno en typen te halen en heeft hij er bovendien een fotografisch kunnen bij ontwikkeld dat er zijn mocht. Ontelbare groepsfotos kwamen uit zijn doka en artistiek wist hij het ook tot prestaties te brengen: Zijn foto van de nieuwbouw Ste. Marie, gevangen tussen effectvolle coulissewerking van forse bomen genoot een ruime verspreiding.

Ik weet niet wat hem bewogen heeft in 1969 van deze functie afscheid te nemen: mogelijk was het de veranderde mentaliteit van de jeugd (hij eiste orde!), misschien waren het de astmaverschijnselen die deze taak volgens eigen oordeel te zwaar gingen maken. Hoe dan ook, hij vertrok naar Breda waar hij zich een nieuwe bekwaamheid eigen maakte: hij kreeg de leiding van de stencil-, later offset-inrichting van de Kweekschool. Ook daar wist hij een bewonderenswaardige perfectie te bereiken. De verzorging van de inmiddels ingevoerde “Jaarboekjes” was zijn werk en steeds stond hij klaar voor allerlei soorten drukwerk, die de Pedagogische Academie en de studenten hem te verzorgen aanboden. En hij deed het volmaakt en schijnbaar onvermoeibaar.

Toen het Broederhuis van de Kweekschool werd opgeheven, vestigde hij zich in de Oranjeboomstraat, en toen ook dit Broederhuis weer verdween, ging hij in de Roland Holststraat wonen. Hij had zich daar nog maar amper geïnstalleerd, toen hij het nodig vond voor ademhalingsmoeilijkheden een controle door de “Klokkenberg” te laten verrichten. Aanvankelijk liet zich het resultaat van de toegepaste behandeling zeer rooskleurig aanzien, tot de uitslag van een onderzoek het nodig maakte een operatieve ingreep toe te passen. Ook deze had een bijzonder goed resultaat en hij leefde weer helemaal op. Kort daarna deden zich partiële verlammingen en convulties voor. De specialiste vreesde een storing in de hersenbloedtoevoer, Dit is hem noodlottig geworden en na enige dagen in coma te hebben gelegen is hij overleden. Het gebeurde allemaal te plotseling.

Het convent zowel als de familie waren er diep door geschokt. We bewaren van hem de herinnering aan een onvervangbare medebroeder, waarvan we weten dat hij nu voor eeuwig het loon geniet van zijn werkzaam en diep gelovig religieus leven.
Hij ruste in vrede.
Br. Marcellus.