247 Br. Immaculatus Wilhelmus Joseph Kuppens
Geboren te Oosterhout : 10-03-1923
Ingetreden : 17-01-1943
Eerste Professie : 15-08-1944
Eeuwige Professie : 15-08-1948
Overleden te Huijbergen : 06-12-1987
De slotfase van het leven van Broeder Immaculatus heeft hij niet doorgebracht op dezelfde wijze als hij gewoon was te doen tijdens de periode toen hij redelijk gezond was. Toen was het altijd: “Gauw eventjes doen”. Dat hoorde je hem nogal eens zeggen en zo ging het ook, behalve de laatste maanden. Het laatste half jaar heeft hij gevochten om te leven. Hij wilde van de dood niets weten en probeerde gauw weer beter te worden. Het “gauw eventjes” was typerend voor zijn doen en laten. Zo lijkt het wel, dat hij toch te snel geleefd heeft en zich van zijn kwaal onbewust niet voldoende rekenschap gegeven heeft. Het eindstadium trad in onder de zomerretraite in Huijbergen half juli van dit jaar. Hij voelde zich niet goed, kon niet eten en wilde maar naar bed. Kort daarna kwam hij in het ziekenhuis terecht, waar hij na een behandeling weer ontslagen kon worden. Hij mocht naar huis, want er was niets meer aan te doen. Met kalm aan doen viel het nog wei mee, maar eind oktober werd het al duidelijker dat het niet lang meer kon duren. Zijn toestand was op een gegeven moment van die aard, dat verpleging in Huijbergen noodzakelijk werd. Op dinsdag 3 november werd hij vervoerd per ambulance. Daags daarna leefde hij weer op, kende iedereen, was zich bewust van tijd en plaats, zodat bedienen nog niet aan de orde was. Toen was het ineens helemaal mis op vrijdag daaropvolgend. Hij was amper aanspreekbaar, zodat nu wel aan het Sacrament der Zieken werd ge dacht. Wonder boven wonder ging zijn toestand weer vooruit en was hij helder en zelfs vol vertrouwen dat het de goede kant uitging. En dit proces herhaalde zich de weken daarna. Hij kon normaal spreken en contact hebben met zijn familie en medebroeders die hem bezochten om dan weer ineens weg te zinken in een toestand van bewusteloosheid. Geleidelijkaan werd hij nu zwakker en het was duidelijk, dat het gevecht voor het leven niet lang kon blijven voortduren. In de ochtend van zondag 6 december overleed hij stil en rustig in zijn slaap.
Broeder Immaculatus heette “in de wereld” Wilhelmus Joseph Kuppens. Hij werd geboren op 10 maart 1923 in Oosterhout. Na de lagere school ging hij naar het Juvenaat van de broeders van Huijbergen. Hij bracht zijn voorbereidende jaren in Huijbergen en Breda door. Op 17 januari 1943 deed hij zijn intrede in de Congregatie en bij de inkleding op 14 augustus van datzelfde jaar nam hij de naam aan van Immaculatus. Op 15 augustus 1944 legde hij zijn tijdelijke geloften af en in 1948 deed hij zijn eeuwige professie. ntussen was zijn loopbaan als onderwijzer begonnen. Vooral legde hij zich toe op de handvaardigheid en zo behaalde hij de akten Handenarbeid in 1951 en M.O. in 1966. Ook Creatief A en B, Ward II en IV en de Lagere akte Tekenen kwamen in zijn bezit. En dat Schoonschrijven niet op zijn rijtje akten vermeld staat, verwondert me, want mooi en kunstzinnig schrijven, dat kon hij. Al op de Kweekschool besteedde hij veel tijd aan het keurig uitschrijven van al zijn aantekeningen.
Met deze artistieke en creatieve bekwaamheden werkte hij vanaf 1944 een aantal jaren aan Lagere scholen in Breda, Haaren en Bergen op Zoom. Ook in het Speciale Onderwijs was hij werkzaam en vooral op enkele Mavo s als vakleerkracht Tekenen en Handenarbeid. In 1981 ging hij met de VUT, zoals dat heet.
Een van zijn hobby’s was de fotografie. Honderden fotos heeft hij gemaakt en vooral deed hij dat voor leerlingen en hun aanhang van de scholen, waaraan hij gewerkt had. Zo heeft hij een reeks van jaren zijn talenten in dienst gesteld van de Congregatie, de scholen en de jeugd van klein tot groot. En zoals hij was, het moest allemaal gebeuren op een holletje! “Gauw eventjes doen”. Tijd om te eten gunde hij zich nauwelijks, want de maaltijd was de gunstigste tijd om het afhalen van fotos te verzorgen.
Zijn gezondheid heeft onder deze activiteiten en alles wat ermee gepaard ging in feite geleden. Al vele jaren geleden was bijvoorbeeld bij hem een gedeelte van zijn maag weggenomen en voorzichtigheid was toen geboden. Hij tilde daar niet zo zwaar aan. Nu heeft hij het einde van zijn levensweg bereikt op een leeftijd, die menselijkerwijze gesproken nog menig jaar verder zou kunnen gaan. Hij heeft die levensweg te snel afgelegd. Intussen heeft hij in de kring van onze Congregatie zich bijna een halve eeuw aan studie, opvoeding en onderwijs gewijd en door deze dienst aan de jeugd de dienst aan God tot hoofddoel van zijn leven gemaakt.
Dat hij mag rusten na zijn rusteloos werken, rusten bij de God Van alle leven, die hem een plaats bereid heeft voor de eeuwigheid. In de liturgie van de tweede zondag van de Advent lazen we uit Jesaja: “Verschijnen zal de glorie van de Heer en alle vlees zal daarvan getuige zijn”.
Moge hij deelgenoot worden van de gerechtigheid van de nieuwe hemel en de nieuwe aarde, over welke belofte de Apostel Petrus spreekt in de lezing van dezelfde adventszondag.
Broeder Karel