251 Br. Hermanus Hubertus Petrus Hermanus Brekelmans
Geboren te Waalwijk : 04-01-1922
Ingetreden : 09-02-1941
Eerste Professie : 15-08-1942
Eeuwige Professie : 15-08-1946
Overleden te Roosendaal : 24-03-1988
De dood is een onverwachte bezoeker. Hij komt als een dief in de nacht. We weten het allemaal en het is een zekerheid waar we niet aan kunnen tornen. We zouden erop voorbereid moeten zijn. Memento Mori. Toch komt een sterfgeval vaak zó plotseling, dat je met stomheid geslagen wordt, als het je wordt meegedeeld. Zo is het ook weer gegaan met het overlijden van Broeder Hermanus. Inderdaad. Hij was op verlof gekomen, omdat er aan zijn gezondheid nogal wat schortte. Een goed onderzoek en een flinke periode van rust zouden geen overbodige weelde zijn. Na een aantal weken in het Sint Franciscus Ziekenhuis in Roosendaal was hij zóver opgeknapt, onder andere van een longontsteking, dat hij verder zijn verlof op Sint Marie in Huijbergen kon doorbrengen. Althans, zo leek het. Maar echte vooruitgang was er niet, eerder het tegendeel. Op 23 maart werd bij een nieuw onderzoek in Roosendaal een hernia geconstateerd. Hij moest in het ziekenhuis blijven om hiervoor behandeld te worden. Broeder Domitius keerde de volgende ochtend terug om de bescheiden te brengen die hij vergeten had in te leveren. Toen hij in het ziekenhuis kwam, was de toestand van Broeder Hermanus intussen zo dat hij de grens van het leven al overschreden had. Er was een hartstilstand ingetreden en reanimatie mocht niet meer baten. De doktoren stonden voor een raadsel, maar konden enkel de dood constateren op deze ochtend van de 24ste maart 1988. Uiteindelijk overleed Hermanus aan een kwaal in de bloedvaten, die nauwelijks bij hem bekend was.
Hubertus Petrus Hermanus Berkelmans was zijn burgernaam en hij werd geboren in Waalwijk op 4 januari 1922. In Hulst leerde hij de broeders kennen en hij trad in hun Congregatie op 9 februari 1941. Op 14 augustus van dat jaar ontving hij het kloosterkleed. Zijn tijdelijke geloften legde hij af op 15 augustus 1942 en zijn eeuwige professie sprak hij uit op 15 augustus 1946.
Tijdens de oorlogsjaren had hij zich op de Kweekschool voorbereid op het werk in het lager onderwijs en hij behaalde daarvoor ook later de nodige akten, voor onderwijzer en hoofd van de school, plus nog het muziekdiploma Ward. Een aantal jaren werkte aan Lagere Scholen in Bergen op Zoom, vooral in de eerste klas, en in Breda, tot hij in 1951 als missionaris mocht vertrekken naar Indonesië. In dat grote en tropische land heeft hij zijn verdere leven hard gewerkt in allerlei taken: als onderwijzer en leraar, als huisoverste en regio-econoom. Als tropenjaren dubbel tellen, heeft hij er een heel mensenleven doorgebracht. De langste tijd woonde hij in Pontianak op Kalimantan Barat, maar ook in Nyarumkop werkte gedurende een periode van 7 jaar. Hermanus heeft ijverig en nauwgezet zijn werk gedaan en speciaal heeft hij zich de laatste jaren ingespannen, toen hij de taak kreeg opgedragen de financiën van alle broeders in de Regio Indonesia te verzorgen.
Daarnaast was hij lid van enkele besturen, zoals het grote schoolbestuur in Pontianak en het ziekenhuis van de Zusters van Veghel in dezelfde stad. Veel heeft hij geleerd uit zelfstudie en uit de praktijk. Voortdurend stond hij in contact met Nederland om bij te blijven en de boekhouding op moderne wijze te voeren, aangepast aan het computertijdperk. Het heeft hem heel wat inspanning en moeite gekost, maar niets was hem te veel. De Heer Uijtdehaag, onze administrateur in Nederland, heeft jarenlang een uitgebreide correspondentie met hem gevoerd.
Een man die zijn werk als leraar en penningmeester correct en stipt volbrengt, kan niet anders dan ook ernstig en nauwgezet zijn plichten vervullen als kloosterling, gebonden als hij zich weet aan regels en voorschriften. Ze werden niet slaafs nagekomen, of als een sleur. Hij was een voorbeeldig religieus, een goed medebroeder, trouw aan de Congregatie, gehecht aan zijn familie, die hij graag bezocht tijdens zijn verlofperioden.
De kwalen waar hij aan leed, het waren er méér dan wij vermoedden, kunnen hem nu niet meer deren. De Heer van alle leven heeft hem tot Zich genomen, eerder dan wij kunnen begrijpen. Maar de treurnis om zijn onverwachte heengaan uit dit aardse bestaan wordt overheerst door de zekerheid van zijn geluk voor altijd bij Hem, die hij zo trouw gediend heeft. Wij blijven aan Bertus Berkelmans denken en bidden voor zijn zielerust.
Broeder Karel