IM278 Br. Matthias Ferdinand Luciën Nocolaas Kroese

278 Br. Matthias Ferdinand Luciën Nocolaas Kroese

Geboren te Breda : 14-12-1914
Ingetreden : 22-01-1933
Eerste professie : 15-08-1934
Eeuwige professie : 15-08-1937
Overleden te Huijbergen : 17-09-1993

Sedert de week tussen kerstmis 1992 en de jaarwisseling kort daarop heeft Br. Matthias met zijn gezondheid gesukkeld. Vlak voor de avond van de uitvaartdienst van Br. Siardus in de parochiekerk te Huijbergen werd hij getroffen door een ernstige inzinking en heeft hij sedertdien last gehad van grote vermoeidheid en werd zijn hart ernstig op de proef gesteld. In de nacht van 16 op 17 september is hij zacht van ons heengegaan. De laatste maanden heeft hij meerdere tekenen gegeven dat hij zijn einde voelde naderen. Hij had duidelijk moeite om afscheid te nemen van het leven dat hem zo lief was, maar gelovig als hij was bereidde hij zich voor op zijn overgang naar een beter leven.

Br. Matthias werd geboren te Breda op 14 december 1914. In het gezin Kroese groeide hij op in een muzikaal milieu en hij volgde het onderwijs op een van de broederscholen in zijn woonplaats. Na zijn lagere school volgde hij te Huijbergen en Breda zijn onderwijzersopleiding. Het studeren ging hem niet gemakkelijk af, maar in 1933 behaalde hij zijn onderwijzersakte. Van nature had hij vele eigenschappen die hem maakte tot een uitstekende leerkracht. Vanaf 1933 heeft hij aan meerdere scholen in Amsterdam les gegeven. In 1950 verhuisde hij naar het zuiden en na een jaar in Bergen op Zoom aan school gestaan te hebben is hij met een onderbreking van zes jaar in Hellevoetsluis, onafgebroken verbonden geweest aan de lagere school van Ste.-Marie. In 1979 ging hij met vervroegd pensioen.

Br. Matthias heeft met zijn talenten gewoekerd. Op de eerste plaats waren daar zijn muzikale kwaliteiten. Hij was wat dit betreft een natuurtalent. Hij componeerde, arrangeerde en dirigeerde vele muziekwerken. Of het nu vocale of instrumentale muziek, liederen, operettes, missen, oratoria of mengvormen betrof, hij beheerste ze alle. Vooral met de jeugd wist hij tot grote prestaties te komen. Daarbij hield hij niet alleen het muzikale peil in het oog, maar trachtte ook de vreugde die hij aan het musiceren beleefde over te dragen aan de jeugd. De improvisatie bij uitvoeringen was aan hem heel wel toevertrouwd. Vooral sedert de jaren zestig heeft hij zich zeer intensief met de muziek bezig kunnen houden. Hij was dirigent van kinderkoren, het Huijbergs gemengd koor, en enkele orkesten, waaronder het orkest Fravino een grote plaats in naam. Als organist speelde hij tijdens vele diensten in meerdere parochies. Zelden moest hij weigeren of deed men tevergeefs een beroep op hem. Vaak won men zijn raad in of hielp hij bij het organiseren van korendagen. Voor de muzikale vorming van de jeugd heeft hij ontzettend veel gedaan. Individuele muzieklessen verzorgde hij in het kader van de muziekschool, waarvan hij een van de oprichters is geweest. Voor al zijn verdiensten op het muzikale terrein heeft hij genoegzame erkenning ondervonden. Zo werd hij in 1972 ereburger van Huijbergen in zilver al een jaar later omgezet in het ereburgerschap in goud. In 1978 ontving hij de kerkelijke onderscheiding Pro Ecclesia et Pontifice. In 1984 werd hij begiftigd met de eremedaille in goud in de Orde van Oranje Nassau. Van het muziekgenootschap NOVAM ontving hij in 1987 de erepenning in goud en in hetzelfde jaar eveneens in goud de eremedaille van de St.Gregorius-vereniging. In 1993 werd hem -namens de Gemeente Huijbergen – de cultuurprijs “De Wilhelmiet” uitgereikt.
Naast deze muzikale talenten had Br. Matthias ook uitstekende contactuele eigenschappen. Hij maakte gemakkelijk contact met mensen en kon voor zowel jong als oud oprechte belangstelling tonen bij hun wel en wee. Voor zieken en bejaarden was hij een vertrouwenspersoon. Jaren achtereen bezocht hij hen voor of na zijn muzieklessen. Je zag hem dan gaan op zijn fiets door het dorp op weg naar mensen die hun vertrouwen in hem stelden en blij waren als hij weer eens langs kwam. Hij vergat hun verjaardagen niet en bracht vaak een kleinigheid – meestal in de vorm van een bloemetje – voor hen mee. Br. Matthias hield van bloemen en wat hij soms niet zeggen kon, maakte hij duidelijk met een zelf opgestoken bloemstuk.

Br. Matthias was een bewogen, gevoelig en gelovig mens. Ontwikkelingen binnen het praktisch kerkelijk leven hadden zijn belangstelling. Hij las niet veel maar volgde middels de communicatie-media de veranderingen wel. Ook het wel en wee van de Congregatie ging hem aan het hart. Meerdere malen maakte hij deel uit van het congregationeel kapittel. Daarin had hij vooral oog voor het menselijk aspect binnen de broedergemeenschap. Sedert 1933 was hij een toegewijd lid van onze broederschap. Hij realiseerde zich heel wel dat het vele dat hij tot stand heeft weten te brengen door de gemeenschap mogelijk gemaakt werd.

Aan het vruchtbare leven van Br. Matthias is nu een einde gekomen. Zelf voelde hij dit einde naderen en hij heeft ons allen zelf een laatste groet nagelaten. Wij vonden deze voor in zijn agenda en laten hem nu tot slot zelf aan het woord.

Br. Eduard Quint