299 Br. Herman Amandus Verbeke
Geboren te Biervliet : 26-08-1909
Ingetreden : 16-01-1927
Eerste Professie : 18-08-1928
Eeuwige Professie : 18-08-1931
Overleden te Huijbergen : 21-09-1998
U was met hem samen op zaterdag 12 september hier op Ste Marie om te vieren de 70 jaren van zijn broeder zijn, een uitzonderlijk jubileum, en daarom wordt het een platinajubileum genoemd. Zeen huisgenoten vroegen zich af of het wel door kon gaan: voor Br. Herman was dat zoals zo vaak in zeen leven geen vraag! Hij had het geregeld, hij was er naar toe geleefd en dus moest dit -cóute que côute- doorgaan. En het ging het door voor hem en voor u werd het een dag van ontmoeten, van bijpraten van afscheid nemen, van weten in zijn én in uw achterhoofd, dit was de voorlaatste keer van samen zijn, de laatste keer is bij de uitvaart.
Onze Broeder Herman heeft zoals in de aankondiging van zeen overlijden staat inderdaad een welbesteed leven voor velen achter de rug. Niet onvoorbereid is hij gestorven, al verschillende jaren achter elkaar ontving hij het ziekensacrament, en ook voor de toediening van dat heilig oliesel afgelopen woensdag gaf hij zich bij mij op dat was zaterdag 19 september… hij dacht zelf naar de kapel te kunnen komen … ter gerust telling heb ik gezegd … als u niet naar de kapel kunt komen, kom ik hier naar u toe … En dan, maandagavond daar aan voorafgaande rond kwart voor acht is hij rustig ingeslapen: Overste Br. Marcus was aan het regelen
dat huisgenoten om beurten bij hun medebroeder Herman zouden waken. Gelukkig is hem een nog langer durend pijnlijk ziekbed bespaard gebleven.
Augustinus Verbeke en Romalie Boerjan: uit hun huwelijk werd hij geboren 26 augustus 1909 te Biervliet en kreeg als doopnaam Amandus. De godsdienstige sfeer waarin hij opgroeide
deed de roeping ontluiken om broeder van Huijbergen te worden. 16 januari 1927 deed hij zijn intrede, Br. Herman werd zeen kloosternaam. Huiselijke werkzaamheden werden aan hem toevertrouwd, eerst hier, daarna in de Dieststraat te Breda. En dan op 20 oktober 1932 ontving hij het missiekruis om als missionaris in Nederlands Indië (Indonesia) te gaan werken.
Het werd Borneo (Kalimantan) : een eiland zo groot als West Europa. Zeen werk- en woonplaatsen daar werden: Pontianak, Singkawang, het Jappenkamp te Kuching, Banjarmasin en Njarumkop. Hij verrichtte er huiselijke werkzaamheden, was 3 jaren surveillant op het Asrama / Internaat te Pontianak en hield een 5 tal jaren toezicht op de LTS te Singkawang.
Als vakkundig manusje van alles werd hij een onmisbare, onbetaalbare, medebroeder in de kloosters op Borneo. Daar in Indonesië liggen wel zijn allermooiste jaren van 1932 tot 1961, dus bijna 30 tropenjaren. 30 jaren van dienstbaarheid vooral om opvoeding en onderwijs mogelijk te maken.
Wat hij samen met vele andere Nederlandse Huijbergse Broeders daar op gang heeft gebracht en ondersteund: moreel, geestelijk, financiëel- door de Congregatie, door familie, door vrienden en goede bekenden ten dienste van én met het Indonesische volk ik heb vorige jaar een maand lang met eigen ogen mogen zien wat hij samen met vele anderen daar op gang heeft gebracht is bewonderenswaardig, veel van wat door de Nederlandse broeders op de rails kon worden gezet op het gebied van opvoeding, onderwijs, gezondheidszorg, ontwikkelingswerk, wordt nu zinvol, enthousiast en vakkundig voortgezet door wat we met respect en met trots mogen noemen Huijbergse Broeders, maar dan wel van Indonesische afkomst.
Op 4 november 1961 (hij was toen 52 jaar) kwam Br. Herman voor goed terug naar Nederland en vestigde zich in Huijbergen. Als timmerman maakte hij zich zeer verdienstelijk en toen in 1970 de Zusters Carmelitessen op het voormalige Alverno kwamen wonen
werd Br. Herman voor hen een graag geziene en onmisbare vakman. Vele mooie jaren werden hem hier in Huijbergen gegeven. In wat wij noemen de timmerwinkel heeft hij talloos vele voorwerpen uit hout gemaakt waarvan de opbrengst aan de missie ten goede kwam.
Opmerkingen die hem typeren zijn: iemand met een eigen wil, een echte Zeeuw, sober, oprecht tot en met, recht door zee, soms niet makkelijk voor zichzelf en ook niet voor anderen, een man van gebed. Ja, Br. Herman wist wat hij wilde en dat deed hij, maar óók: dat deed hij anderen doen.
Hij was en is gebleven een Zeeuw in hart en nieren. Luctor et Emergo was hem op het lijf geschreven. Hij worstelde en bleef boven. Kende (en nu duid ik op zeen laatste jaren) telkens opnieuw tegenslag na tegenslag, meer en meer inleveren aan zelfstandigheid,
teleurstelling, verslagenheid, en dan kon hij heel diep in de put zitten, het hoefde niet meer
maar daarna, ná een hele worsteling kwam hij dat weer te boven.
Luctor et Emergo: dat hij daarin aanvaard wordt, bevestigd door niemand minder dan de Heer, zijn én onze God.
Pastor Leo Testers